Een persoonlijke filosofie van de natuur

De misvatting dat je mensen zou moeten ‘meenemen’ in je ideeën impliceert in veel gevallen de aanname dat er geen objectieve waarheid zou bestaan. Dit is de reden dat een politicus of een leugenaar of – in uiterst zeldzame gevallen – een leider is. In het geval dat hij een leider is neemt hij mensen in gedachten mee naar iets dat kan worden. Hij zet ze aan tot actie voor zijn doelen.

Een natuurlijke leider, de filosoof die onderdeel uitmaakt van de Avant Garde, gelooft in het bestaan van objectieve waarheid en schetst de objectief gezien meest optimale toekomst, met als doel dat mensen niet hem maar zichzelf, hun natuur; hun eigen doelen gaan volgen.

Duurzaamheid

DE vraag van vandaag is wat duurzaamheid eigenlijk is. Want duurzaamheid is inmiddels hot geworden. Gelukkig kun je er iedere definitie aan geven, omdat het een woord is wat voor meerdere uitleg vatbaar is. Mijn definitie zou zijn:

Een kans is duurzaam als de bijbehorende acties in een gegeven situatie het natuurlijk ecosysteem objectief aantoonbaar het meest optimaal verbeteren.

Duurzaamheid is per definitie integraal: omdat het betrekking heeft op het ecosysteem aarde, en dus op alles wat wij hier op aarde kennen. Dit betekent bijvoorbeeld dat duurzaamheid naast op ons milieu ook van toepassing is op sociaal, politiek en economisch gebied. Omdat de manier waarop wij de kansen voor duurzame ontwikkeling van deze onderwerpen hebben opgepakt, met al dan niet duurzame acties, effect heeft op het ecosysteem aarde.

Nu we een definitie hebben is het goed een aantal concrete voorbeelden te geven van duurzame kansen. We focussen hierbij op de stad en het omringende land (inclusief lucht, water en andere onderdelen van het plaatselijke ecosysteem) in plaats van op kunstmatige systemen en de daarvan afgeleide instrumenten of niet-integrale cijfermatige doelstellingen. Binnen deze afgeleiden van het natuurlijk ecosysteem focussen we weer op de te organiseren zaken. Dat betekent dat we ons bezighouden met duurzame individuen en de manier waarop ze binnen dat natuurlijk ecosysteem stad, land en individuen zo duurzaam mogelijk kunnen ontwikkelen.

Een duurzame stad heeft duurzame bestuurders: de koplopers.

Alle discussie over participatie ten spijt is het aantoonbaar zo dat er geboren leiders nodig zijn om de lijnen uit te zetten. Duurzame leiders die de intrinsieke behoefte voelen zich ook na hun geboorte duurzaam te blijven ontwikkelen. En zoals we eerder zagen, kan alleen de Avant-garde die duurzame leiders leveren. Dat die leiders burgers meer of minder betrekken bij hun keuzes door het gesprek over hun ideeën aan te gaan is evident. Maar het misverstand van deze tijd lijkt te zijn dat de burger zou moeten bepalen wat de bestuurder besluit. Een dergelijke bestuursvorm is echter nogal ondoordacht; ze leidt namelijk tot niets anders dan stilstand en achteruitgang. De mening van de meerderheid is vrijwel nooit de objectief aantoonbaar juiste basis voor het nemen van beslissingen. Reden zijn vaak de media en de haatpredikers: twee partijen die met demagogie een deel van het volk weten te misleiden in wat goed voor hen is. Vandaar dat we in ons sub-optimale democratische systeem hebben gekozen voor zogenaamde evenredige vertegenwoordiging. Of met andere woorden: een soort buffer tegen het misleide deel van de meerderheid.

Halen we die buffer weg zonder objectief aantoonbaar duurzame keuzes voor verbetering van ons democratisch systeem te maken dan leidt zo’n bestuursvorm tot een nihilistische maatschappij. Onze eigen neoliberale samenleving is zo langzamerhand een goed voorbeeld van zo’n nihilistische maatschappij aan het worden. Het besef van het belang van (het ontwikkelen van) duurzame waarden is inmiddels vrijwel volledig verdrongen door de behoudzucht van de status quo en het eigen ego. Er is dus niets duurzaams aan een maatschappij die de mening van de meerderheid als ijkmiddel gebruikt voor het nemen van besluiten, omdat daar het natuurlijk ecosysteem niet door verbeterd wordt.

Een geboren leider is altijd een koploper; iemand die voorop loopt dus. Leiden zonder voorop te lopen slaat immers nergens op. En dan hebben we het hier dus over voorop lopen bij de objectief aantoonbaar noodzakelijke vernieuwingen. Vernieuwingen dus die noodzakelijk zijn voor duurzame ontwikkeling. Dat zijn tegelijkertijd de vernieuwingen die onvermijdelijk plaats zullen vinden. Ze kunnen alleen tijdelijk tegengehouden worden – door bestuurders die geen koploper, en dus geen progressieve vernieuwer zijn. Het is dus veel meer de vraag hoe snel we vooruitgaan, dan of we vooruitgaan als individuen. Te snel, in de vorm van een revolutie, is niet goed; omdat dat voor chaos en geweld kan zorgen. Maar te langzaam is ook niet goed, omdat dat voor een sub-optimale maatschappij kan zorgen en dus voor individuen die neergedrukt worden door een sub-optimaal systeem.

Bestuurders die niet van nature voorop willen lopen passen slechts op de winkel van een kunstmatig en dus sub-optimaal systeem. Het zijn de eeuwige tussenpauzen, tot een betere situatie zich aandient. Maar de Rationele Ecolutie, de evolutie naar individuen die, met gevoelens als belangrijkste leidraad voor hun aangeboren talent en inzicht, alleen de ratio nog gebruiken om de objectief aantoonbaar juiste keuzes te maken, moet ons nu juist brengen van een maatschappij die in dat kunstmatige systeem het eigen ego en de mens en haar cultuur wil behouden door inferieure leiders in het zadel te houden, naar een duurzame maatschappij die ecosysteem aarde wil behouden en de mens en haar cultuur wil verbeteren. Kortom: de zichzelf verbeterende mens; de duurzame leider die vooroploopt naar de nieuwe, objectief gezien noodzakelijke, situatie is degene die een samenleving van individuen zou moeten besturen om deze optimaal duurzaam te laten ontwikkelen.

Van op macht gebaseerde visie naar op inzicht gebaseerde invloed. Een belangrijk onderdeel van de Rationele Ecolutie is het verbeteren van onze democratie, ons politieke systeem. Tot nu toe functioneerde dat altijd door op macht gebaseerde visies te verkopen aan zoveel mogelijk kiesgerechtigden. Een voorbeeld van de volledige controle van het neoliberalisme over de democratie: ook in de democratie zoals wij die nu kennen bepaalt de marktwerking wat goed is en wat niet. Net zoals de Hema goed draait als er voldoende worsten verkocht worden, draait een politieke partij als er voldoende leden zijn, en voldoende stemmen op de binnen de partij zelf overigens nauwelijks democratisch tot stand gekomen kieslijst.

Deze Jakobijnse vorm van democratie, ontstaan tijdens de Franse revolutie, loopt op haar laatste benen. De roep om vernieuwing schreeuwt ze inmiddels van de daken. En daarbij zijn referenda slechts een weinig duurzame teruggang naar een beginstadium van onze westerse democratie. Een beginstadium dat, aan het eind van de 18-de eeuw, gekenmerkt werd door vele tienduizenden mensen die op bevel van journalist (!) Jean-Paul Marat naar de guillotine werden afgevoerd. Al die doden waren nodig voor de Franse voorganger van onze westerse democratieën. Een voorganger die vooral een totalitaire vrijheidsideologie was – die bang was voor andersdenkenden. En die andersdenkenden werden met (sub-optimale) democratische middelen, zoals referenda onder de eigen aanhang, en aangevuurd door xenofobe conservatieve fanatici als Marat, meedogenloos vermoord. De Franse revolutie was in die zin de wegbereider van de neoliberale democratieën van vandaag, die immers overal in verre buitenlanden andersdenkenden vermoorden, maar ook van de democratisch gekozen, en door de journalistiek aangejaagde xenofobie aan de macht.

Maar wat moeten die duurzame bestuurders dan concreet willen, als we echt duurzaam willen zijn in stad en land?

Duurzame energie. 

De energiehuishouding moet slim en dynamisch zijn. Dat betekent dat het einddoel geschetst moet worden en de weg ernaartoe, ook wel de transitie-fase genoemd, moet helder beschreven zijn, zodat iedereen weet wat de toekomst is en hoe we daar komen. Dat het einddoel een stad moet zijn die energie levert in plaats van energie verbruikt is evident. Dat in die stad burgers zelfvoorzienend zijn door de meest optimale vormen van isolatie en energie-opwekking en -opslag, ook. Maar hiermee zeggen we dus ook dat off-grid nieuwbouw de toekomst is, oftewel gebouwen die losgekoppeld zijn van zowel het aardgas- als van het elektriciteitsnetwerk. Dat dat voor bestaande bouw en lopende nieuwbouwprojecten onhaalbaar is doet daar niets aan af. We slaan straks het kleine beetje door onszelf opgewekte energie natuurlijk op in een batterij en laten dat gedurende de dag vrijkomen voor onze dagelijkse behoefte. Auto’s worden straks allemaal zelf-ladend door in het dak geïntegreerde zonnepanelen. Een bedrijf als Sono Motors brengt in 2017 al het eerste, betaalbare, model op de markt. Energie wordt kortom volledig elektrisch in de toekomst. Fossiele energiebronnen zullen nu zeer snel verdwenen zijn. Benodigde plastics zullen biobased en waar mogelijk biodegradable zijn, natuurlijk nadat we eerst bespaard hebben op de situaties waarin we überhaupt producten van plastic nodig hebben.

En hoe worden die duurzame bestuurders dan gekozen?

Democratie. 

In de duurzame stad van de toekomst worden bestuurders gekozen uit alle burgers. Of die bestuurders nu eerst at random in een grote groep geselecteerd worden aan de hand van criteria voor duurzame ontwikkeling van zichzelf (visie, inzicht en lef) en de maatschappij (objectief aantoonbaar concrete genomen besluiten of bereikte duurzame resultaten) waarna ze zichzelf online voorstellen aan het publiek zodat iedereen aan de hand van een al dan niet goed verhaal op de aspirant bestuurder kan stemmen, of dat alle burgers zelf kans maken bestuurder te worden en alleen maar een goed verhaal online moeten plaatsen, het belangrijkste is dat gelijke kansen en transparantie samen met het internet ervoor zorgen dat alleen de objectief aantoonbaar besten naar boven komen drijven, en niet degenen die zich omhooggewerkt hebben door kleurloos, populistisch, of demagogisch te zijn. De machtswellust leidt tot niets in de politiek. Een goede duurzame bestuurder zit er niet voor zichzelf maar voor de burger en het ecosysteem aarde en wil beiden in de rol van bestuurder ontwikkelen omdat hij/zij daar het best voor in de wieg gelegd is en zichzelf daarvoor het best ontwikkeld heeft.

Vervolgens vind het stemmen op de zeer uitgebreide kandidatenlijst die open is voor zoveel mogelijk individuen, ondanks al het (conservatieve) geneuzel over privacy, online plaats via een beveiligde verbinding waarop is ingelogd vanaf een digid-achtig account. Tot zover een eerste schets van de meest logische details van de nabije toekomst voor onze democratie. En logica is iets belangrijks in die democratie van de toekomst. We moeten ons er namelijk bewust van zijn dat wanneer we de ratio toepassen op dit democratische systeem vooruitgang onvermijdelijk is voor dit systeem. Het is alleen de vraag hoe snel die vooruitgang plaatsvindt en of het systeem vooruitstrevend, vernieuwend blijft, door bestuurders die hun eigen weerstand creëren; om zichzelf en het systeem kritisch te bevragen, om haar te kunnen vernieuwen – met weer een nieuwe lichting aantoonbaar betere bestuurders. De democratie van de toekomst zal dus ook en vooral een dynamisch systeem moeten zijn.

Een duurzame democratie is een democratie zonder partijen, met uitsluitend onafhankelijke kandidaten. Een duurzame democratie is bovendien een democratie die een veiligheidsklep inbouwt voor het moment dat het systeem objectief gezien vernieuwd dient te worden omdat nieuwe inzichten ervoor zorgen dat het systeem duurzamer ontwikkeld kan worden. Op zo’n moment mag het niet meer kunnen gebeuren dat, zoals nu wel het geval is, de zittende bestuurders vernieuwingen, zoals de Rationele Ecolutie naar een partijloze democratie met onafhankelijke kandidaten, tegenhouden met argumenten die irrationeel en alleen bedoeld zijn om het eigen ego en de status quo te behouden. De partij-democratie zal volledig verdwijnen omdat ze een sub-optimaal onderdeel is van een democratie en we zullen in de nabije toekomst alleen nog onafhankelijke kandidaten hebben voor de positie van duurzame bestuurder, omdat een onafhankelijke kandidaat wel zonder last en ruggespraak de vooruitgang naar een objectief betere, duurzame wereld ter hand kan nemen.

Economie.

Alles wat geldt voor de democratie geldt ook voor grote zowel als kleine organisaties. Gelijke kansen voor iedereen en transparantie over wat je waarom doet, wat dat het bedrijf, de werknemer en de burger kost, waar de winst van de organisatie naartoe gaat en in welke verhoudingen naar welk doel, inclusief een transparant overzicht van alle salarissen, hoeveel er geleend wordt, waarvoor en van welke (duurzame) instelling.

Duurzame ontwikkeling.

Voor het onderwijs in de duurzame toekomst geldt dat duurzame opvoeding en continue duurzame ontwikkeling de basis zijn van alle verbetering. Ook binnen het onderwijs moet echt talent, van zowel student als docent herkend en erkend worden zodat ook hier weer de besten de andere individuen opvoeden en ontwikkelen. Daarbij geldt ook: behoud het goede en ontwikkel het slechte. Het is tijd om te stoppen het onderwijssysteem eens in de zoveel tijd volledig om te gooien. Echte keuzes voor de meest optimale onderwijs- en ontwikkel vormen en een keus voor de juiste doelen die daarbij horen zorgen er al voor dat de inferieure onderwijsvormen duidelijk worden, vanzelf kleiner zullen worden en uiteindelijk, dankzij de Rationele Ecolutie, geheel zullen verdwijnen.

Vrijheid.

Een echt duurzame bestuurder zorgt voor een zo groot mogelijke vrijheid voor iedere individuele mens; met alleen een grens aan die vrijheid wanneer die vrijheid een ander individu of de mogelijkheden voor duurzame ontwikkeling van een ander individu objectief gezien lastigvalt.

Het opheffen van neerdrukkende systemen.

Een echt duurzame bestuurder onderzoekt en gebruikt de mogelijkheden van het postanarchisme voor het verbeteren van de individuele vrijheid, door het opheffen van zoveel mogelijk onnodige neerdrukkende systemen en regels die de duurzame ontwikkeling van mens en maatschappij objectief gezien vertragen zonder daarmee voldoende voordelen te bieden voor die duurzame ontwikkeling.

Het instellen van de Laïcité.

Een duurzame bestuurder staat een strikte scheiding van kerk en staat voor, dat wil zeggen een scheiding van kerk en staat op de inhoud, en niet op de vorm. Iedereen is dus volledig vrij om zichzelf te kleden zoals hij of zij wil (daarmee val je namelijk niemand lastig in zijn of haar eigen vrijheid), maar religieuze uitingen, in woord of geschrift, mogen niet in openbare instanties te horen of te lezen zijn. Dus ook niet in de Tweede Kamer. Een openlijk Christelijk staatshoofd, zoals we die nu kennen, zal dan ook verdwijnen in de duurzame toekomst, net als Christelijke partijen. Bovendien moet ook de president of het staatshoofd op een transparante manier, met gelijke kansen voor iedereen, gekozen worden in plaats van door geboorte aangesteld te worden. De reden van dit alles is eenvoudig: mensen een boven-natuurlijke en dus onbereikbare want niet-bestaande God voor te houden is, samen met het geloof in een fantasieloos hiernamaals dat ons in de werkelijke, zeer relatieve, relevantie van ons bestaan doet berusten is in en in nihilistisch, zoals we eerder al zagen. Zonder scheiding van kerk en staat op bovenstaande wijze doet een bestuurder dus niet aan optimale duurzame ontwikkeling van individu en maatschappij maar behoudt ze een achterhaalde situatie die negatieve energie geeft aan individuen en hen daarmee lastigvalt en op zijn best doet stilstaan, als ze niet mee genomen worden in de achteruit van de haatpredikers onder de xenofobe conservatieve fanatici.

Het creëren van gelijke kansen voor ieder individu.

Mannen, vrouwen, mensen met verschillende religieuze of andere overtuigingen, mensen afkomstig uit verschillende gebieden of met roots in verschillende gebieden, mensen met een andere kleur of een andere, oudere leeftijd dienen door duurzame bestuurders gelijke kansen gegeven te worden. Dit betekent dat duurzame bestuurders xenofobie (en niet het niet-bestaande racisme, omdat rassen niet bestaan) beter gaan definiëren, lokaliseren en aanpakken. We moeten daarbij nadat we het gedefinieerd hebben accepteren wat xenofobie is, namelijk iets menselijks, en toegeven dat mensen, en sommige individuen meer dan andere, onderwezen en ontwikkeld moeten worden over het belang van diversiteit, van mensen en culturen voor de noodzakelijke duurzame ontwikkeling naar een betere wereld.

De apensoort mens heeft namelijk als enige diersoort de kans zichzelf weloverwogen te verbeteren, en niet alleen door zichzelf te ontwikkelen, maar ook door zijn partners (degenen waar hij voor kiest mee om te gaan in zijn leven) objectief uit te kiezen vanwege zijn of haar objectief aantoonbaar sterkere kanten, en daarmee zichzelf, die partners en wellicht zelfs de kinderen die uit die relaties vloeien op te stuwen in de eeuwige evolutie van de individuele mens naar een hoger beschavingsniveau. Alleen door gelijke kansen kunnen wij na een duurzame ontwikkeling een kosmopolitische, diverse en dynamische cultuur krijgen – met steeds meer individuen die zichzelf ontwikkeld hebben tot de duurzame mens van de toekomst: de kosmopoliet, oftewel de Homo Universalis.

Echte keuzes.

Wat ten slotte belangrijk is voor duurzame bestuurders om een echt duurzame ontwikkeling op gang te brengen is het maken van echte keuzes. Dus geen keuzes om de meerderheid te vriend te houden of het eigen ego te vergroten danwel de status quo of de eigen machtspositie te behouden.

Echte, rationele en transparante keuzes om de omslag naar een duurzame samenleving op sociaal, politiek, milieu en economisch gebied te bevorderen:

Die keuzes zijn nog het meest eenvoudig voor vervoer, energie en voedsel. Duurzame bestuurders bewerkstelligen:

  • een volledig elektrisch en groen vervoer
  • een volledig elektrische en groene energievoorziening
  • volledig zelfvoorzienende en energie-leverende steden en gebouwen
  • volledig ecologisch verantwoord gebouwde en onderhouden gebouwen en gebieden
  • een volledig biologische landbouw
  • een volledig biologische voedselketen

Verder zorgen duurzame bestuurders voor:

Echte keuzes voor het ontwikkelen van een objectieve selectie van talent. In het onderwijs, de politiek, de overheid en bij de immigratie. Wat betreft de immigratie: kom op duurzame bestuurder, het kan toch anno 2016 niet meer zo zijn dat we als enige criterium voor immigranten hebben dat ze afkomstig moeten zijn uit een oorlogsgebied waar ze niet meer naartoe terug kunnen. Ook immigranten moeten we, net als de hier al verblijvende individuen, aangeven wat we wel willen en niet wat we niet willen (terroristen, xenofobe conservatieve fanatici etc.) want dat laatste is zo langzamerhand meer dan logisch: dat zijn immers de potentiële haatpredikers die voor het tegengaan van duurzame ontwikkeling van maatschappij en individuen kunnen zorgen en dus in potentie voor chaos en geweld.

Het opheffen van een aanvalsleger, en het volstaan met een klein en flexibel inzetbaar verdedigingsleger. Het is hoog tijd voor duurzame bestuurders om te stoppen met buitenlandse militaire avonturen. Het verleden heeft bewezen, lang voor de onvoorstelbaar absurde, bemoeizuchtige en bloedige kruistochten, dat we niet alleen niets te zoeken hebben in verre buitenlanden met onze militairen, maar de plaatselijke situatie bovendien alleen maar gevaarlijker maken met onze totaal ongepaste bemoeienis. Laat vrije individuen overal ter wereld vrij zijn – zo lang ze jouw vrijheid niet beperken.

Echte keuzes voor staatsmedia met inhoud. Echt duurzame bestuurders maken echte keuzes die ervoor zorgen dat alle media uitingen die betaald worden door de staat niet het zoveelste slappe neoliberale aftreksel zijn die stilstand en achteruitgang bevorderen met plat vermaak en inhoudsloos tijdverdrijf. Kwaliteit moet weer de boventoon voeren als we betalen voor media uitingen. De kosten mogen niet meer opgaan aan bekende gezichten of stemmen die niet op basis van hun inzicht en invloed op de duurzame ontwikkeling, maar op basis van hun op macht gebaseerde visie zendtijd krijgen. Die kosten moeten gestoken worden in het sturen op media uitingen die duurzame ontwikkeling van individuen en dus de maatschappij bevorderen, in het weghalen van storende reclamezendtijd, in het verbeteren van onze cultuur kortom. Een dagje kijken in de studio van een Belgische, Franse of Duitse kwaliteitszender zou verplichte kost moeten zijn voor iedere duurzame bestuurder. Daar kunnen wij in Nederland schrikbarend veel van leren.

Tot zover een eerste schets van wat duurzaamheid wat mij betreft zou moeten zijn. Een basis die uiteraard verder ontwikkeld moet worden. Daarvoor ben je echter zelf aan zet, mocht mijn duurzaamheid ook die van jou zijn.

Progress: are you ready for it?

I think progress is built on the will to constantly discuss your ideas with others and only hold on to the ideas with the biggest objective truth in given circumstances. Are you ready for this?

Let me know how you think about progress.

Hoe wij weer vooruit komen

De belangrijkste reden voor het feit dat nationalistische politici (weer) zo’n aantrekkingskracht hebben in Europa is het feit dat degenen die zich progressief noemen tot nu toe nog geen alternatief hebben weten te schetsen dat ook de meer conservatieve kiezer aanspreekt. Hoewel dat bij de slinkende groep sociaal democratische politici op hoofdlijnen inmiddels wel duidelijk is vergeet men nog steeds eerst grondig naar het probleem te kijken voordat men probeert te verbeteren. Gedrag dat typisch is voor de diersoort mens, die van nature het liefst in een inspirerende en dus chaotische omgeving, met behulp van het trial and error principe ad hoc evolueert, temidden van de veiligheid van de kudde.

Daarbij geldt dat er in onze neoliberale democratieën geen groter kuddedier is dan de politicus: zonder de meerderheid van de kudde heeft die immers geen bestaansrecht. Dat dit meteen het belangrijkste verbeterpunt voor onze democratie is behoeft naar ik aanneem geen uitleg meer: de waarheid schreeuwt ons hierover nu vrijwel iedere dag aan. We zullen zo snel mogelijk de besten in staat moeten gaan stellen ons te leiden; om de demagogen, de haatpredikers en de kleurloze allemansvrienden de kans te ontnemen om ons mee te nemen in hun obsessieve ondergangsdrang.

De echte uitdaging voor progressieve Europeanen en andere wereldburgers is het inspireren van jonge mensen door zelf het goede voorbeeld te geven, een voorbeeld van hoe je de beste wordt. De neiging van de egoistische kudde-mens om aangeleerde en ontwikkelde verschillen in kwaliteitsniveau tussen mensen uit jaloezie en zucht naar eigen voordeel glad te strijken onder het mom van democratie, gelijkheid of de status van een persoon is daarbij echter een sterk verstorende kracht. Het is de kracht van het ‘doe maar normaal dan doe je al gek genoeg’, de drang om de ander neer te drukken, onder het maaiveld, om de status quo te behouden en er zelf beter van te worden.

Deze drang om neer te drukken lijkt nergens zo sterk ontwikkeld als in de Nederlandse cultuur. Een maatschappij waar het zo goed gaat als in de onze ontwikkeld blijkbaar in de kudde, de laten we zeggen 40 tot 60 % xenofobe conservatieve fanatici van iedere maatschappij, de chronische Ziekte van het Eigen Ego.

Deze inferieure kracht, die naadloos aansluit bij het eerder besproken nihilisme van onze tijd, is de kracht die we door het goede voorbeeld te stellen en het goede, inspirerende verhaal te vertellen kunnen overwinnen. Dat gezegd hebbende is het alleen nog de vraag hoe jonge mensen zich kunnen ontwikkelen tot de betere versie van Napoleon, Nietzsche en andere Grands Hommes in een land waar er geen enkele notie is van het begrip Grands Hommes – omdat de Grands Hommes-theorie indruist tegen alle kleinburgerlijke benepenheid waar de Nederlandse cultuur voor staat (Er bestaat dan ook geen Nederlandse site over op Wikipedia, vandaar een link naar de Franstalige Wikipedia site).

Het antwoord op bovenstaande vraag is simpel; door objectief onderbouwd te experimenteren, zonder door te schieten in het overigens noodzakelijke rationele en idealistische denken. Het nihilisme is namelijk zo sterk omdat, als je goed nadenkt, niets ‘zin’ heeft of, om het wat minder nihilistisch te zeggen, omdat alles wat wij kennen zeer relatief is. Onze tijd en bezigheden op aarde zijn totaal te verwaarlozen, zoals onze aarde zelf te verwaarlozen is in het immense heelal, zelfs de tijd dat de aarde nog zal bestaan is te verwaarlozen in de totale levensduur van datzelfde heelal. Het lot van de aarde is onzeker, maar over enkele miljarden jaren zal de aarde in ieder geval zo ver opwarmen dat alle leven onmogelijk wordt. Niets zo visionair als het nihilisme…

Het nihilisme is een zekerheid, een basis waarop je kunt vertrouwen, en waarop je moet bouwen. Dat kun je doen met behoud van dat nihilisme, of zelfs door verder achteruit en onder proberen te gaan; het ultieme doel van de xenofobe conservatieve fanaticus. Maar er is ook een alternatief.

Naast voor meer nihilisme en het volgen van de ondergangsdroom van de haatpredikers kunnen we ook kiezen voor de hoop op vooruitgang van de individuele mens. Dat religies met hun fantasieloze hiernamaals een aanleiding kunnen zijn voor sommige individuen om het nihilisme te omarmen door een impliciete boodschap van ‘verbetering heeft geen zin, je hoeft alleen maar lief te zijn voor je vijand en dan kom je in de hemel’ te accepteren, betekent echter niet dat religies, of beter gezegd: individuen die geloven in een religie, een probleem zouden zijn bij die keus voor hoop op vooruitgang in ons leven hier op aarde – in plaats van in een hiernamaals.

Het is het dogma en het tunneldenken, het is het fanatisme dat gevaarlijk is. Omdat het tegenhoudt, beperkt en neerdrukt. Er zijn binnen de Avant-garde, de geboren leiders of koplopers in iedere maatschappij, dan ook bijna geen individuen te vinden die zich neerleggen bij een al te dogmatische opvatting van een religieuze stroming, ideologie of cultuur.

Het is naast de hoop op vooruitgang de levenskunst die een echt progressief individu onderscheidt van een nihilist. De tijd op aarde zo prettig mogelijk doorkomen is het doel van de hedonistische Avant-garde, de Dionysische mens. Die Dionysische mens experimenteert doelbewust met hetgeen voorhanden is aan cultuur, om op een basis die (zeer) relatief is, iets mooiers te bouwen. Zie daar de bestaansgrond en de noodzakelijkheid van luchtkastelen en andere dromen, mooie verhalen, religie, ideologie, cultuur.

Veel nihilisten haten religie, omdat ze niet in staat zijn zich in te leven in iets anders dan de feiten en die feiten zijn de over het algemeen eeuwenoude en dus deels achterhaalde religieuze teksten die er zoal geschreven zijn. De zekerheid van het niets, de chaos in het hoofd, het eigen ego en de eigen dogmatische cultuur houdt hen vaak tegen om zich in te leven in de, immers altijd door anderen bedachte, nieuwe waarheden. Waarheden opgehangen aan mooie of minder mooi vertelde verhalen.

De Dionysische mens daarentegen, die weet dat een religie of een ideologie, een persoonlijk beleefde cultuur zo je wilt, de enige remedie is tegen het Grote Niets: de leegte. Het maakt het leven leuker als je speelt, experimenteert, kijkt waar er uitgangen zijn uit het mollenstelsel dat nihilisme heet – om af en toe je hoofd buiten je eigen tunnel en boven de grond te kunnen steken om en straaltje licht en warmte op te vangen.

Wat ik ook reken tot het nihilisme van onze tijd zijn de neerdrukkende, op macht in plaats van talent, inzicht en invloed gebaseerde systemen. Deze suboptimale neerdrukkende en tegenhoudende groepsculturen, waarin alleen de kuddedieren onder ons zich thuisvoelen, worden alleen verbeterd door de vernieuwer onder de hedonisten, de Homo Ludens. Juvenielen van iedere diersoort – en dus ook die van de mens – leren en vernieuwen vooral door… te spelen. De jonge mens die al experimenterend, spelenderwijs op weg is een Grand Homme te worden doordat hij bestaande zekerheden, zijn eigen ego en de status quo opzij durft te zetten is de mens die wij nodig hebben om het nihilisme te overwinnen en om op volle kracht vooruit te gaan naar een betere wereld voor iedereen – en niet slechts voor een select groepje gelijkgestemden, waar de kudde-moraal altijd rondwaart.

Wanneer we onze jeugd een verhaal weten te vertellen dat inspireert, dat inclusief is en iedereen een zelfde kans geeft om zich optimaal te ontwikkelen, met heldere regels, waaronder in ieder geval een absolute individuele vrijheid (met alleen een grens aan die vrijheid waar die vrijheid een ander lastigvalt), dan maken we een grote kans vooruit te gaan. Maar pas nadat we de nihilisten, de neoliberalen, de xenofoben, de conservatieve fanatici van onze ideologische rug, of beter gezegd onderbuik, hebben geschud.

De regels waar onze jeugd op zit te wachten zijn regels die radicaal transparantie, gelijke kansen en vooruitgang naar een wereld die keuzes maakt bevorderen. Keuzes gebaseerd op de kwalitatief gezien meest optimale oplossingen, ook als die wat langer dan één verkiezingsperiode weg liggen – en ook als die niet slechts bedoeld zijn om het ego van één of meerdere individuen te strelen of de status quo in stand te houden.

En dat laatste is wat in de nabije toekomst niet meer zal bestaan. Op macht gebaseerde visie zal niet meer geaccepteerd worden in een wereld waarin het internet zorgt voor volledige transparantie over wat waarheid is en wat de juiste weg om vooruit te komen als individu. Op inzicht gebaseerde invloed is de toekomst, die gedragen zal worden door de Avant-garde onder onze jeugd.

Het goede voorbeeld voor onze jeugd, de juiste regels en doelen, maar ook het benadrukken van het belang van opvoeding en ontwikkeling, in een richting waardoor aan het eind waarheid, natuur en dus de individuen zelf ontwikkeld zijn, is de enige remedie tegen de nihilistische ondergangsdrang van de xenofobe conservatieve fanaticus.

Een remedie die het progressieve deel van de mensheid vergeten lijkt te zijn. In ieder geval wist ze daar tot nu toe geen invulling meer aan te geven, door de ook bij haar doorgedrongen onophoudelijke schreeuw om aandacht van het eigen ego, het neoliberalisme, de xenofobie, het conservatisme, het fanatisme – en dus – van het nihilisme.

De fanatiek religieuze mensen die onbewust nog het meest geloven in de religie van het nihilisme, van stilstand, achteruitgang en ondergang hebben de progressieven grotendeels in hun macht – door het inmiddels wereldomvattende, meest nihilistische systeem ooit; het neoliberalisme. De ermee gepaard gaande, deels onbewust gedroomde ondergangsdroom wordt vaak gezien als logisch gevolg van ‘de’ botsing van culturen – omdat een andere cultuur inmiddels ook door een groot deel van de mensen die zichzelf progressief noemen als allergrootste gevaar wordt gezien, in plaats van als wat het echt is: een uitgelezen kans om meer waarde te creëren voor vooruitstrevende individuen.

Wanneer de Avant-garde onder onze jeugd de achterblijvers heeft opgestuwd in de vaart der volkeren, wanneer de vooruitgang weer in de plaats is gekomen van het nihilisme, wanneer we de keus hebben durven maken voor een universele beschaving in plaats van voor het handhaven en versnellen van de onvermijdelijke neergang van onze plaatselijke, suboptimale culturen, doordat we het aandurfden ze te verbeteren, dan hebben de goeden, de tot ontwikkeling aangetrokken individuen gewonnen.

Dat dit onvermijdelijk zal gebeuren, volgens de natuurwet van behoud en vooruitgang, die verklaard dat de mens is ontstaan, zal blijven bestaan en individuen zal ontwikkelen tot een steeds hoger beschavingsniveau, kan ons geruststellen en stimuleren onszelf te verbeteren.

Op weg naar een beschaving vol met waarden en liefde, vol respect voor de menselijke natuur in haar enige wel relevante systeem: het ecosysteem aarde. Respect voor en inspiratie van de zich ontwikkelende ander, die op weg is om, net als wijzelf, zichzelf te worden, is de manier voor ons om weer vooruit te komen, weg uit de tentakels van het nihilisme.

De vraag is of en zo ja wanneer ook de politici in ons suboptimale democratische systeem dat tijdig zullen inzien, voordat de mens besluit zichzelf te gaan besturen, los van dit systeem. De verbeterpunten voor ons democratische systeem zijn eenvoudig; transparantie en gelijke kansen voor iedereen, maar het is zeer de vraag of de zich telkens op basis van het eigen ego en machtswellust vernieuwende zittende macht ooit zal toestaan dat deze radicale vernieuwing wordt ingevoerd. De zekerheid van het niets, de noodzakelijke diversiteit, de wil om jezelf te worden en jezelf als onderdeel te zien van het ecosysteem aarde, de wil je niet neer te leggen bij een suboptimaal systeem of een statische cultuur met stilstaande waarden en waarheden, dit alles zorgt ervoor dat het postanarchisme ons steeds meer toelacht.

 

 

Inspiratie voor de Avant-garde

Bladerend door een bestuursblaadje wemelt het van de foto’s van veel te grote groepen mensen die luisteren naar een oninteressante spreker. Vaak zijn het sprekers die iets vertellen over een betere administratie van onbelangrijke zaken, betere sturingsmodellen en KPI’s voor dingen die een organisatie niet vooruit helpen of een betere data-analyse om appels met peren te kunnen vergelijken. Suboptimale afspraken in de suboptimale systemen die veel grote organisaties zijn zorgen eerder voor werkverschaffing van de meerderheid dan voor inspiratie van de minderheid, de Avant-garde; koplopers die de organisatie vooruit kunnen helpen dankzij hun visie, inzicht en lef.

Dè uitdaging voor de meeste grote organisaties van vandaag is dan ook het zorgen voor inspirerende verhalen voor die Avant-garde. De neiging om een verhaal te vertellen wat de meerderheid van de werknemers inspireert (dat wil zeggen aanspreekt op de eigen verworvenheden of vaak egoïstische wensen) is echter een hardnekkige natuurlijke neiging. Terwijl die meerderheid van de mensen minder goed dan de Avant-garde in staat is zichzelf of de organisatie vooruit te helpen; omdat men wat meer moeite heeft zich open te stellen voor de zo noodzakelijke ontwikkeling, van zichzelf.

Dat is de reden dat er vooral saaie verhalen vertelt worden. En dankzij het internet en het samenvoegen van organisaties tot steeds grotere eenheden, worden die saaie verhalen aan steeds grotere groepen verteld. En foto’s ervan worden vaak ook nog eens buitengewoon trots rond getweet, zeker als de bijeenkomst in het teken stond van een van de hedendaagse zogenaamd heel goede ‘want disruptieve’ maar teveel mainstream onderwerpen. Kijk eens ik was erbij en behoor dus tot de koplopers. Welnee, om daarbij te horen moet je buitengewoon selectief zijn in het bijwonen van populaire bijeenkomsten over actuele thema’s. Als je ze überhaupt al moet bijwonen. Niets zo veranderlijk immers als actuele thema’s, en een echt lid van de Avant-garde heeft een stabiele, originele en eigen lijn nodig om de vooruitstrevende weg naar de toekomst af te kunnen leggen.

De meerderheid bezweert echter met het vertrouwde saaie verhaal, dat die meerderheid de heel prettige illusie geeft dat men goed bezig is, de voor de conservatieve medemens natuurlijke angst voor vernieuwing. Zo consolideert men het eigen werk, de eigen status, ‘dat wat men altijd al zo gedaan heeft’ oftewel bestaande zaken. Maar begrijp me niet verkeerd; daar is niets mis mee – het is een volstrekt begrijpelijk, want natuurlijk proces. Maar voor vernieuwing; vooruitgang naar een hoger plan van de plaatselijke cultuur of beschaving, is het funest als de middelmaat de toon aan gaat geven, het ritme bepaald en de melodie mag uitkiezen. Iets wat in vrijwel alle op suboptimale democratische gedachten gebaseerde organisaties van individuen gebeurt. In al deze organisaties is het dan ook tijd om te gaan erkennen dat voor iedere verzameling van individuen geldt dat die alleen duurzaam is als de natuurlijke leiders (degenen dus met invloed in plaats van de door kunstmatige systemen en afspraken gerealiseerde macht) die groep op inspirerende – en dus vernieuwende – wijze vertellen waar het heen moet met de wereld in het groot en de organisatie van individuen in het klein, waarom het daarheen moet en hoe alle individuen in de groep dat nieuwe doel gaan bereiken. Dat zal een klein groepje mensen inspireren en de rest opwekken: tot anders denken.

Anders denken; het sleutelwoord voor succesvolle ideeën, individuen en organisaties. Door anders dan voorheen te denken, anders dan veilig, zonder al teveel risico voor je was, en binnen die andere denkwijze vooral te zoeken naar de verbeterpunten voor jezelf, in plaats van voor anderen of de organisatie, ook als je van nature helemaal niet zo van verbetering houdt, creëer je de zo noodzakelijke energie voor jezelf, voor wat je doet en, vooral, voor het waarom van wat je doet.

Zingeving, zelfreflectie en zelf vervulling, drie eerste zetjes die we nodig hebben om vooruit te gaan. Want blijf je, om de meerderheid tevreden te stellen, met saaie, vaak nageaapte verhalen open deuren open doen dan help je ook iemand die van nature minder voorop loopt naar nieuwe doelen natuurlijk niet echt. Je zorgt slechts voor tijdelijk comfort die de voor betreffend individu noodzakelijke verandering weliswaar uitstelt, maar des te schokkender, verwoestender en moeilijker te verwerken maakt wanneer die zich, onvermijdelijk, uiteindelijk wel aandient.

Nee, de fanatiek conservatieve individuen moeten als geen andere mensen geprikkeld worden om hun wordende talenten aan te spreken, in een noodzakelijke nieuwe toekomst, om überhaupt te kunnen overleven, in die toekomst. Iemand die niet vooruit wil zal dat dus uiteindelijk toch wel moeten om mee te kunnen gaan in de evolutie die ieder individu en iedere organisatie continu doormaakt om up to date te blijven; om de juiste energie richting zichzelf te kanaliseren doordat de evolutie het beschavingsniveau van de kudde op een hoger plan heeft gebracht dankzij haar wapen logische verbetering in haar tendens naar het objectieve optimum van een bepaalde plek en een bepaald moment in de tijd.

Iemand die niet vooruit schijnt te willen kent zichzelf dan ook eigenlijk gewoon niet zo goed. Zo iemand denkt in feite alleen maar niet vooruit te willen. Andere dingen dan de ratio spelen op bepaalde terreinen gewoon een grotere rol in zijn denken. Omdat de persoon die met het verfrissende idee kwam, het logische verbeterpunt, hem niet aanstaat, omdat hij zelf dat idee had willen bedenken, of – voor de slimmeriken onder de conservatieven – omdat hij de relativiteit van logische verbeterpunten te goed inziet. Maar niet te onderschatten vaak speelt de begrijpelijke loyaliteit jegens het kunstmatige systeem van de organisatie een grote rol in het afwijzen van de logische verbeterpunten die door de Avant-garde worden aangedragen. Wie is zij om te bepalen dat we die kant op moeten?

Vooruitgang is juist daarom vooral een durven kiezen voor op inzicht gebaseerde invloed in plaats van voor op macht gebaseerde ‘visie’.

Maar laten we nooit vergeten dat als dit soort irrationele, gevoelsmatige overwegingen geen rol zouden spelen bij een groot deel van de wat meer volgzame individuen in organisaties, wij theoretisch gezien binnen de kortste keren een slechts nog rationeel ambtenaren apparaat kunnen hebben dat de treinen spreekwoordelijk weer laat rijden. De politieke constellatie hoeft maar om te buigen naar een partij als de PVV die de nieuwe zondebok, de moslim, op de voor de xenofobe conservatieve fanaticus gebruikelijke en eeuwenoude manier, in de juiste hoek weet te manoeuvreren. Geholpen door armoede als gevolg van een stilstaande status quo met haar onbereikbare bastions van het ‘goede’ leven en, soms ook, (staats)geweld staan de neuzen dan heel snel weer dezelfde maar verkeerde kant op.

Doorgeslagen rationeel denken is de voorbode van het nihilisme. De mens heeft, de juiste, inspiratie nodig.

Gelukkig wordt het mijns inziens niet spannender dan de constatering dat een (fanatiek) conservatief individu in de veiligheid van het midden van de kudde graag op een hem of haar bekende manier mee hobbelt naar de nieuwe noodzakelijke situatie. De nieuwe status quo dus. Die aangegeven wordt door de Avant-garde onder de Homo Sapiens; de Homo Universalis. (Voor de volledigheid: een echte Avant-garde zorgt uiteraard wel dat die status quo en het bijbehorende bastion van Avant Gardisten direct wijzigt, vernieuwt, als aantoonbaar betere individuen zich aandienen.)

Maar een status quo is natuurlijk vaak hardnekkig. Vooral de grotere organisaties, door hun omvang zo nauw gelinkt aan de politiek van het eigen ego, de eigen machtspositie en de status quo, hebben de democratische neiging het de stilstaande werknemer (te) gerieflijk te maken. De kudde hoeft immers niet zo nodig verder te zoeken naar grazige weilanden; het toppunt van de macht, onderdeel worden van de status quo, is immers al bereikt. Een vast contract, eventueel de bijbehorende gouden kettingen zijn de beloning voor zijn buigen voor de macht, voor de kunstmatige en dus suboptimale systemen, begrippen en aannames. De ‘staat van dienst’ of de geschikte wijze waarop betreffende persoon ‘zo sociaal’ opereert in het betreffende netwerk zijn de foutieve redenen om die persoon niet aan te spreken op zijn stilstand. Panta Rhei, alles stroomt. Of zou dat althans moeten doen. Want iemand moet weliswaar zichzelf kunnen blijven, of worden, mensen die weigeren vooruit te gaan, anderen tegenwerken die vooruit willen gaan of in het algemeen vaak onverbloemde haat koesteren tegen de logische verbeterpunten die niet op draagvlak van een bekende meerderheid kunnen rekenen, zijn de politieke dieren bij uitstek, de mensen dus die anderen lastigvallen omwille van de eigen machtswellust, oftewel anderen pesten. Iets dat niet alleen volgens de Arbowet verboden is, het is ook onnatuurlijk gedrag dat ontstaat uit angst voor het onbekende, vernieuwende en uit de drang de status quo ook te behouden als die niet bijdraagt aan vooruitgang van het individu. Zij zullen zichzelf dus moeten aanpassen. En hun kracht, het conservatisme, al dan niet van een meer of minder sociale variant, moeten inzetten op de momenten en plaatsen waar een organisatie daar, nu of in de toekomst, wel behoefte aan heeft. Mensen hiertoe inspireren, dat is een uitdaging die hoognodig opgepakt moet worden door de leidende figuren binnen grote organisaties en de samenleving als geheel. En dat kan alleen met een inspirerend verhaal voor de Avant-garde.